β±οΈ Ongeveer 30 min Β· 10 stappen Β· met interactieve aanzichten-viewer
π― Lesdoel
Wat ga je leren?
Aan het einde van deze les
weet je wat bovenaanzicht / zijaanzicht / vooraanzicht betekenen, kun je een object vanuit 3 kanten tekenen, en heb je jouw winnende schets uit 4.1 in 3 aanzichten uitgewerkt.
π Stap 1 β Wat zijn aanzichten?
Drie kanten van hetzelfde object
Stel: je hebt een mok. Vanuit welke kant kijk je? Drie standaarden geven alle informatie:
Boven
Zij
Voor
π‘
Belangrijk
In productontwerp en architectuur is dit de internationale standaard. Met deze 3 aanzichten kan een ontwerper in Japan jouw idee in 3D maken β geen woord nodig.
π Stap 2 β Welke informatie waar?
Elk aanzicht laat iets anders zien
β¬
Bovenaanzicht β vorm van bovenaf: rond, vierkant, ovaal. Plus oor van de mok.
β
Zijaanzicht β hoogte + diepte + oor zijwaarts. Belangrijkste view voor verhouding.
β΅
Vooraanzicht β wat zie je als de mok recht voor je staat. Symmetrisch β geen oor zichtbaar (zit erachter).
Klik op een product en zie hoe het er vanuit drie kanten uitziet. Let op: simpele vormen zijn vaak makkelijker dan complexe.
Probeer alle vier. Voel hoe een object met 3 aanzichten heel concreet wordt.
π Stap 4 β Verhoudingen kloppen
Maatlat: de drie aanzichten moeten kloppen
Belangrijk: de hoogte in zijaanzicht en vooraanzicht moet hetzelfde zijn. De breedte in vooraanzicht en bovenaanzicht ook. Anders past je object niet in elkaar.
π
Pro-tip
Trek hulplijntjes tussen de drie aanzichten. Zo zie je: hoogte vooraanzicht = hoogte zijaanzicht. Breedte vooraanzicht = breedte bovenaanzicht.
π
Hoogte: dezelfde in zij + voor. Anders heb je twee verschillende dingen getekend.
βοΈ
Breedte: dezelfde in voor + boven. Anders is je object scheef.
β¬
Diepte: dezelfde in zij + boven. Logisch β dezelfde as.